De normale toestand van het leven, enzo.
Zodoende besloot ik, op de terugweg van het immer pitoreske Delft naar Amsterdam, om mezelf en de dag te evalueren. Dat is altijd zinvol. Projecten - neemt u dat nu maar gewoon aan van een professional - moeten geevalueerd worden. En wat zijn u en ik tenslotte anders dan een deelproject van dat ene allesomvattende project genaamd leven? En als we over dat project een ding met een verzengende zekerheid weten dan is het wel dat het hoe dan ook, ooit, op een gegeven moment in de verre of nabije toekomst keihard slecht afloopt. En dat er dan helemaal niets meer te evalueren over zal blijven. Dus je kan maar beter heel veel tussentijds evalueren om er - zolang het duurt - het beste van te kunnen maken. Vind ik.
Het regende, het was donker en de Beach Boys zongen ``God Only Knows``. Het is merkwaardig hoe de radio een empathisch vermogen lijkt te hebben op momenten van bezinning. Door hersenactiviteit aangestuurde playlists, soms lijkt het alsof het al zover is. En er zijn al zo weinig dingen die een mens nog kan verzinnen. De weg daalde lichtjes af in een grote, brede bocht en zo strekte zich voor mij een kilometerslang tapijt van rode lampjes uit die weerspiegelden in het natte asfalt. Een gigantische glimmende rode loper, die schoksgewijs vooruit werd gesleept door een onzichtbare hand. Ik observeerde mijn file-collega`s en iedereen om me heen was in gedachten verzonken. Ontkoppelend en peinzend. De juiste file op het juiste moment kan een mens tot hoge intellectuele pieken drijven, dat is geweten.
Ik dacht aan de taxichauffeur die mij onlangs naar huis reed na een avondje stappen-op-topniveau met Solo Loe. Ook toen regende het en de chauffeur, een Marokkaan van middelbare leeftijd, vroeg me wat voor werk ik deed. ``Muziek.``, zei ik. ``Ik werk in de muziek. Live muziek.``. Omdat ook de taxichauffeur begreep dat ik hem moeilijk dezelfde wedervraag kon stellen, zelfs bij wijze van beleefd conversatie maken was dat wel erg idioot geweest, vertelde hij niet wat hij was - obviously, een taxichauffeur - maar wel wat hij graag zou willen zijn.
``Ik zou graag films maken.``
``Waarover dan?``, vroeg ik
``Wel. Je hebt twee soorten Marokkanen. Arabische en Berberse.``, vertelde hij.``Ik ben Berber. Die wonen in het noorden van Marokko. Maar de regering negeert hen. Alleen de Arabische Marokkanen tellen mee. Dus ik wil films maken. Over Noord-Marokko. Om de Berbers onder de aandacht te brengen.``
``Da`s mooi.``, complimenteerde ik hem. ``Goed plan. Dus je filmt. Wat voor camera heb je?``
``Ik heb geen camera. Ik heb nog nooit gefilmd. Dat moet ik nog `ns opzoeken op internet.``, draaide hij nonchalant de Stadshouderskade op.
Kijk, dacht ik. Deze man rijdt mensen door een stad die niet de zijne is in een land dat hem liever kwijt dat rijk is. Er valt niets te zeggen over zijn eventueel talent voor filmen en het beste deel van zijn leven ligt vermoedelijk achter hem. Alles wat hij heeft is een hart, een plan en verder geen idee. Een combinatie die al te zelden voorkomt. Een combinatie die ik benijd. Sommige mensen hebben een plan en geen idee. Anderen hebben geen idee maar wel veel plannen. Dat lijkt hetzelfde, maar het is het niet. Laat het vooral rustig tot u doordringen, op een zondagavond bij voorkeur, met een glas Domaine de Gineste van een goed jaar bij de hand bijvoorbeeld - het hoeft niet, maar ik raad het u aan.
Velen onder ons beschouwen crisis als de normale toestand van het leven. We zien het leven als een gevecht. We pijnigen onszelf in het zoeken naar wat, naar hoe, naar waarom. Maar voor even zoveel anderen lijkt dat helemaal geen issue. Ze hebben gewoon een plan en verder geen idee. Ze worden niet gehinderd door pragmatische overwegingen. Als ze blij zijn, zijn ze grenzeloos blij. Geen enkel voorbehoud kan hen raken. Als ze triest zijn, storten ze neer ten aarde, onontvankelijk voor hoop of rede. Niets wat hen voort drijft, niets wat hen tegen houdt en dus: niets wat hen deert. Dat is hun ongewilde talent en ik benijd het hen.
Na deze lichtvoetige filosofische gedachtegang, ging ik verder met het evalueren van mezelf. Dat doe ik graag. Ook al omdat ik over het algemeen toch gewoon erg goed bezig ben.
Heden geen stukje over de verkiezingsavond.
Ik weet dat u van mij een spitsvondig stukje verwacht over de verkiezingsavond. Ik weet het. Ik weet het. Ik weet het.
***blokkeert helemaal en durft niet toegeven dat hij in de plaats naar Liverpool-PSV heeft gekeken en dat het hem eigenlijk aan zijn reet zal roesten dat Nederland zonder het blijkbaar zelf goed te beseffen gisteren een `zwarte woensdag` heeft meegemaakt zoals Vlaanderen in 1991 voor het eerst een zwarte zondag meemaakte, weet u nog toen we met zijn allen ongelofelijk geshockeerd waren toen het Vlaams Blok 10 (tien!!!) procent van de stemmen haalde getverdekke zeg dat was gewoon 1 op 10 en kijk waar we nu staan, man, die zwarte zondag van toen is nu De Goede Oude Tijd geworden en wie haalde er gisteren dus fluitend 9 zetels zonder dat er ook maar een partij zich meteen nadrukkelijk van die fohn-kop heeft gedistantieerd? Juist ja. En daar bovenop ook nog ff de Partij van de Dieren de illusie geven dat ze iets zinvols aan het doen zijn. Nee jullie zijn goed bezig. En kom me niet met Fortuyn om de oren slaan, dat was gewoon 1 charismatische homo met een stel amateurs als achterban, maar die fohn-kop, die is Gevaarlijk, mark my words. Dat de politici het niet goed wisten, dat was al duidelijk, maar het electoraat weet het dus ook niet meer. Dat schiet lekker op. Gefeliciteerd met zijn allen. Ik blijf nog tot ik voldoende meerwaarde op mijn koophuis kan cashen en dan snel weer verder, naar een nieuw land. Grrrrrrrrrr. EN DUMP DIE FOKKING FEHER BIJ HET DERDE ELFTAL, KOEMANNETJE! Buitenlanders zonder meerwaarde moeten eruit. Woeps.***
Ik wil maar zeggen.
Zodoende zat ik welgemutst in de auto op weg naar het immer pittoreske Delft en luisterde ik onbezorgd naar het liedje ``Doowutchyalike`` van de Digital Underground. Ik heb mijn hiphop graag old school, moet u weten. Nou ja, u moet natuurlijk helemaal niks, maar ik zeg het u. Anyways. Op het einde van het liedje geeft een vrouwenstem instructies aan de radio-dj met betrekking tot hoe hij het nummer moet weg faden. Erg grappig en ik zat nog een beetje na te hinniken toen ik plots bedacht: goh, dat zijn dus ook mensen. Je staat er vaak niet bij stil wanneer je lekker met zo`n deun zit mee te aaahaa-en en doewiedoe-en maar ooit hebben die mensen dus echt in een studio gezeten en die track bedacht en misschien leven die mensen nu nog, of zijn ze dood, of doen ze net een bakkie ergens in zo`n smoezelige coffee bar in the bronx - wellicht niet, vanwege het tijdverschil, wellicht slapen ze nu nog of staan ze op de dansvloer in een old school hiphop club hun ass te shaken alsof het 1991 is. Je weet het simpelweg niet. Maar het kan. Tja en voor je weet ben ik dus Heel Hard Aan Het Nadenken en dan arriveer ik ten kantore en denk ik: even die email lezen van die collega van marketing die ik gisterenavond maar niet gelezen heb omdat ik dacht: nee, die ga ik nu niet lezen want dan ga ik me de hele avond kapot zitten ergeren en dat ga ik dus echt niet buiten mijn uren om doen hoor, mij kapot zitten ergeren over een collega. En dan lees ik die email en dan begin ik me daar toch een partij kapot te ergeren dat wil je niet weten. En dan denk ik: ik had beter nog wat nagedacht over de mensen van de Digital Underground, maar ja dan is het dus al te laat.
En dan moet de dag dus nog goed en wel beginnen, he. Ik wil maar zeggen.
Blijven zitten.
Al ruim een uur of twee staar ik naar het scherm van mijn laptop. Af en toe klik ik pivot open en dicht, maar ik weet dat er me niks te binnen zal schieten. Het is meer voor de vorm. Om mezelf de hoop op een zinvolle vrijdagmiddag te gunnen. Of nee, eigenlijk zelfs dat niet. Het is mechanisch. Als een gewoonte die mijn lichaam zichzelf heeft aangeleerd. Zoals je `s ochtends de snelweg oprijdt en op automatische piloot de A4 neemt terwijl je eigenlijk in Hilversum moet zijn.
Om half vijf zet de schemering in. Waarmee de dag lijkt aan te geven dat ie het zelf ook wel gelooft. Drie moleskineboekjes vol notities, ideeen en grappige-zinnen-die-ik-van-iemand-die-toch-nooit-beroemd-zal-worden-heb-gepikt-om-ooit-eens-te-gebruiken helpen me niks verder. Gustl Wolfsberger - de ongekroonde koning van de zinloze activiteit ter vermaak ende tijdverdrijf - ligt zielloos in zijn mand voor zich uit te staren. Misschien dat hij straks nog even in de clinch gaat met mijn nieuwe sneakers, maar nu even niet. Waarom vechten katten met schoenen? Dat wonderlijke mysterie genaamd leven. Er is zoveel wat we nooit zullen weten. Sterker nog. Ooit wordt ook alles wat we wel weten een groot peilloos diep zwart gat. Why bother. Dat sfeertje.
Een tijd geleden zag ik een interview met Salman Rushdie op de televisie. Salman Rushdie is getrouwd met de volgens mensen die het weten kunnen 28e mooiste vrouw ter wereld, de Pakistaanse Padma Laskshmi. Maar dit geheel terzijde. De interviewer vroeg: `Meneer Rushdie, wat vindt u het allermoeilijkste aan schrijven?`. Rushdie antwoordde: `Blijven zitten.` De interviewer, een Vlaamse rockzanger met intellectuele uitstraling die voor een keer een TV-interview mocht doen omdat dat nu eenmaal het programmaconcept was, keek hem vragend aan. `Blijven zitten.`, herhaalde Rushdie. `Je moet niet wachten op inspiratie. Je zet jezelf achter je computer en je begint. Het moeilijkste is: blijven zitten.`
Ik denk dat dat voor vele dingen in het leven geldt. Neem nu de liefde. Lang heb ik gedacht dat ze nagejaagd diende te worden, dan weer ging ik er hartstochelijk op zitten wachten. Maar toen bleek: liefde is als inspiratie. Je moet er niet op wachten. Je moet gewoon beginnen. Zij volgt vanzelf wel. Het moeilijkste is: blijven zitten. Sommige mensen hebben simpelweg geen geduld.
Goed.
Dan maar een nieuwe webstats-teller geinstalleerd. Vanaf nu weet ik niet alleen wie en met hoeveel u bent maar ook waar u vandaan kwam, hoe u mij gevonden heeft, welke zoekterm u gebruikt en welke kleur van onderbroek u draagt. Alles, maar dan ook alles om deze zielloze vrijdagmiddag tot leven te wekken.
Hoe ik er gewoon keihard een topweekend van maakte. Maar dan ook keihard, he.
1. Vrijdag vastgesteld dat Lily Allen wellicht niet the next big thing is maar daarentegen wel een helder beeld gekregen van hoe Ma Flodder eruit zag in haar jonge jaren inclusief sigaret-in-mondhoek en een jogging pak ter grootte van Amsterdam-Noord. Ik heb wel `ns Sumo-worstelaars gezien met meer elegance, zij het dat die begeleid werden door een minder goed orkest. ``Die hele Paradiso zit vol met Zuid-Oost-trutjes-gone-bad.``, merkte iemand die ik bijzonder opmerkzaam vond op. Maar na twee caipirinhas waren wij dat alweer vrolijk vergeten. Evenals driekwart van Lily`s repertoire. Topavond!
2. Kinderen die met St Maarten op pad gaan zijn per definitie ettertjes en ettertjes houden van snoep en cash geld. Dus zaterdagmiddag 5 kilo mandarijnen gekocht bij de AH. Gelachen!
3. Zondagmiddag bedacht ik dat het zomaar `ns zou kunnen dat De Blaffende Vis in de Westerstraat the place to be is om als PSV-supporter een handjevol Ajacieden live ineen te zien krimpen tot een hoopje zielloos mens. Zat ik er toch wel weer pal op zeker!
Afijn. Niet te doen.
Interessant.
Kijk. Over het algemeen kan je dingen en mensen indelen in drie categorieen. Leuk, niet leuk en oninteressant-dus-geen-mening. Ik vind dat prima werken.
Maar de laatste tijd valt het me op dat er steeds meer mensen en dingen zijn die van een zodanig verpletterende overbodigheid zijn, die zulk een de verbeelding tartende couldn`t-care-less-gehalte hebben, die elke eigenschap ontberen die door de grootste randdebiel als kwaliteit of gebrek herkend kan worden, mensen en dingen kortom, die zoooooo niet interessant zijn, dat ze op slag vreselijk irritant worden en daardoor alsnog via de achterdeur de categorie niet-leuk binnen glippen. Ik vind dat persoonlijk een beetje oneerlijk ten opzichte van mensen en dingen die van nature niet leuk zijn. Hardcore niet leuke dingen, zoals belastingen betalen of zo, die moeten nu lijdzaam toezien hoe Goedele Liekens - om mijn punt te versterken kies ik nu gewoon even de meest zo niet interessante persoon van het laatste decennium uit maar ze is niet alleen hoor, oh nee, Heleen en Ton van Royen dat jullie niet denken dat ik jullie vergeten was - zomaar hun categorie vervoegt. Terwijl die dus eigenlijk in de categorie oninteressant-dus-geen-mening had moeten zitten en oorspronkelijk, toen de wereld nog een beetje normaal was, ook zat. Alleen, ze blijft maar zo fucking fanatiek oninteressant zijn dat ik gewoon niet anders kan dan haar naar de categorie niet-leuk verplaatsen. Kutwijf. Alsof ik niets beter te doen heb.
Dus ja, eh, belastingen betalen & Co: sorry he.
Bijna goed.
Ik kocht een fles drinkyoghurt, schroefde de dop eraf en schudde flink.
Dood aan de Partij voor de Dieren.
In ons huis wonen twee poezen. De ene heet Gustl Wolfsberger. De andere Bebe Jaouen. Gustl Wolfsberger heeft een hangbuik die voorkomt dat wij al te vaak dienen te stofzuigen. Hij houdt van eten en hij is niet onverdienstelijk goed in het vangen van muggen. Verder is hij oliedom. Bebe Jaouen heeft geen staart. Die werd geamputeerd toen bleek dat er zich een tumor op die staart had vastgezet. Ook mist zij een tiet. Verder ontziet zij consequent haar linkerpootje en huppelt ze de trap op en af als een konijntje: gewoon lopen gaat niet meer, het gevolg van een val vanop de vierde verdieping van het Amsterdamse grachtenpand waar Liefje vroeger woonde. Een val overigens die Gustl Wolfsberger - had ik al verteld dat hij oliedom is? - tot tweemaal toe maakte; reden waarom zijn neus zo plat is als die van een vele malen kansloos verslagen professioneel bokser. Bebe Jaouen kan dan weer enorm goed slapen. Ik geloof dat zij op dat vlak tot de wereldtop gerekend kan worden. Tot besluit van deze introductie tot het onderwerp dat wij zometeen in alle hevigheid zullen aansnijden: ik ben allergisch voor poezen. Sinds geboorte. Desalniettemin leef ik in harmonie samen met een hele domme poes en een hele oude, veelal slapende, poes. Ik ben, kortom, onthou boven alles vooral dit, een dierenvriend. Daarover is geen misverstand mogelijk.
Goed.
De Partij voor de Dieren. Hoe zielig is die, he? En by the way: is dat de stem van good ol` Meneer De Uil - God hebbe zijn ziel - die men tracht te imiteren in het verkiezingspotje, in een vloeiende beweging de hell out of ons allemaal irriterende en een kostbare jeugdherinnering besmeurende? Opdoeken die Partij voor de Dieren. Bij wet verbieden. Lezers van dit log weten dat ik sowieso al geen hardcore voorstander van democratie ben, maar de Partij voor de Dieren, nou, die moet dus gewoon dood.
Hohoho, Ivo Victoria! Dieren zijn ook mensen. Met gevoelen enzo. Euh. Nee, dus. Dieren zijn dieren. Afrikaanse kindertjes met dikke hongerbuikjes die elke minuut bij bosjes doodvallen - dat zijn ook mensen.
Ons probleem is: we kunnen niet kiezen. Dat is op zijn minst onhandig, want het leven bestaat uit niets dan keuzes. Denkt u nu werkelijk dat wereldvrede een onhaalbare zaak zou zijn als we met zijn allen een beetje zouden focussen? Appeltje eitje, ik zweer het u. Helaas willen wij niet alleen wereldvrede. We willen ook een bloeiende economie, voldoende voedsel voor iedereen, een ozonlaag zonder gat en een flatscreen tv, among many other things. En hoe meer dingen we willen, hoe minder we voor mekaar krijgen en in plaats van keuzes te maken, slaan we op de vlucht voor ons eigen falen en verliezen onszelf in micro-problematiekjes waarvan we de illusie koesteren dat we ze wel onder controle hebben. En dan kom je al snel uit bij een Partij voor de Dieren. En nu gun ik iedereen een hobby, maar er zijn grenzen. In het Parool van afgelopen zaterdag, slaagt ene Arthur Wiltink van de St. Wakker Dier, erin om de zaken zo voor te stellen dat u op 22 november slechts twee keuzes hebt: voor of tegen dieren. Ik dacht dat de verkiezingen tussen het CDA, PvdA, VVD, Groen Links en nog wat partijen ging en dat we de komende jaren nogal druk gaan zijn met o.m. het oplossen van het integratieprobleem, het verbeteren van de zorg, het creeren van banen en ophogen van de dijken. Maar dat zie ik helemaal verkeerd. Het gaat in werkelijkheid tussen twee blokken - eentje voor en eentje tegen dieren. Tja. Het leven is hard en dan gebeurt er altijd nog iets wat je niet zag aankomen.
Er zijn ongetwijfeld schrijnende toestanden in deze wereld waar dieren het slachtoffer van zijn. Die moeten aangepakt worden. Iets aanpakken betekent niet een partij oprichten en een paar honderdduizend euro aan slechte radiospotjes kapot slaan in een poging mensen wijs te maken dat niet de problemen waarmee ze elke dag in het echte leven kampen, maar wel de problemen van de dieren de ware inzet van deze verkiezingen zijn. De dag dat ik een Partij voor de Dieren zinvol vind, zal de dag zijn dat De Partij voor Veilig Fietsen In De Stad, De Partij voor Mensen Die Hun Huis Willen Verbouwen Zonder Dat De Aannemer Hen Een Kloot Aftrekt en de Partij tegen Irritante Radiospotjes Van Overbodige Politieke Partijen al lang en breed in de Tweede Kamer zitten. Excuse me while I kiss the sky, maar ik heb nog een prioriteit of 723 af te werken - en twee katten tijdig eten te geven.
En blijf van Meneer De Uil af! Klootzakken.
1 jaar. 2 jaar.
Een jaar geleden was deze tekst de eerste post op www.ivovictoria.com.
Dat uw uitbundige felicitaties zich moge vermengen met hete tranen van nooit wegebbende woede en verdriet.