The Sore Bottom Boys: Het Jaaroverzicht.
`Goh. Wat zijn wij gaaf.`
Tevreden brommend legt Solo Loe er eentje plat. Polka Paultje en ik zakken alvast lekker weg in de bank; ons voorschrijdend inzicht zal ons niet bedriegen. Op de achtergrond kreunt Johnny Cash If You Could Read My Mind. In de Boys` minds brandt een stemmig knappend houtvuur.
`Wat een jaar.`, staart Paultje peinzend naar plafond.
`Men. De Tarponn Inn.`, verzucht ik.
`Vissen.`, likt Loe zijn toeter dicht.
`The Motel from Hell.`, lopen de rillingen over mijn rug.
`Goh, daar zou ik graag nog `ns naartoe willen.`, roept Paultje verrukt uit. Solo Loe en ik halen de wenkbrauwen op naar elkaar.
Het is weinigen gegeven om van hun leven een kunstwerk te maken, beseffen de Boys. Het is een loden last die zij telkens weer met liefde tot goud weten om te smelten. Ook in 2007 zullen de Boys voldoen aan de keiharde vraag van het hongerige publiek out there. Plichtsbewustzijn, talent, verantwoordelijkheidsbesef en een kilootje afghaan van een goed jaar hebben hen gemaakt tot wat ze zijn, tot spijt van wie `t benijdt. Polka Paultje neemt de gitaar ter hand. `Wat dachten jullie van Ich Brauch Tapetenwechsel? Het is een bossa.` Een Duitse bossa. Daar moeten Loe en ik even goed over nadenken. `Als Hitler wat meer bossa gehad had.`, voert Paultje aan. `Dan betaalden we nu nog steeds met Marken.`. Daar zit wat in. Net als in de toeter die Loe net plat gelegd heeft en die van zulk een duizelingwekkend hoog niveau is dat hij zomaar symbool zou kunnen staan voor het jaar 2006.
`Jongen, jongen, wat zijn wij gaaf.`, vat Solo Loe de algemeen heersende publieke opinie nogmaals samen.
`Bij momenten is het akelig.`, geef ik toe.
`I`m so jealous to be me.`, zucht Loe. Paultje en ik knikken begrijpend. Het valt niet altijd mee een Sore Bottom Boy te zijn. Het geld, de vrouwen - de Boys zouden ze wat graag iemand anders gunnen ware het niet dat ze bij hen in zulke goede handen zijn.
`Wij zitten gewoon op een constant hoog niveau.`, zucht ik half verontschuldigend.
`Wij hebben gewoon een bepaalde ondergrens die zo hoog is dat... dat... nou ja.`, wordt het visualiseren Solo Loe even te machtig.
`Maar ook als mens hebben we stappen gemaakt.`, pakt Paultje zijn makker stevig vast.
`En muzikaal. Vergeet vooral het muziek-technische aspect niet.`, probeer ik me sterk te houden.
`Ivo!`, pakt Paultje nu ook mijn schouder beet.
`Paultje! Vriend!`, snikt Loe.
`Jongens!`, schiet ik vol.
Hete tranen biggelen over de Boys`wangen bij de gedachte aan wat was maar bovenal, lieve lezers en fans, bij de vreugdevolle gedachte aan wat komen gaat. Desalniettemin hopen de Boys tegen beter weten in maar met een haast zinsverbijsterende bescheidenheid dat het ook een beetje uw jaar moge worden.
Probeer het op zijn minst. Er zal moed voor nodig zijn.
Reclamepingels
Dat ik het jammer vind dat ik nooit meer op deze plek kan gaan staan zonder aan Talpa Tien te denken. En of ze dan echt aan die mensen gevraagd hebben om een voor een het licht aan te doen en hoe ze dat dan gedaan hebben (op stopwatch? iedereen mobiele telefoon aan het oor en hand op de lichtknop?) want professionals als Talpa Tien zullen dat toch echt niet achteraf photoshoppen, lijkt me. Ik bedoel natuurlijk niet photoshoppen, maar eerder filmshoppen of hoe dat ook moge heten maar ik bedoel dus achteraf. Dat ze achteraf die raampjes een voor een laten oplichten tot ze het Talpa Tien-logo vormen. Afin. Dat is dus jammer.

Wist u dat die bumperfilmpjes, dat ze die bij
Hopen op rechtvaardigheid.
Ik had nog maar net met de gepaste ironische ons-kent-ons glimlach voor de beeldbuis postgevat voor een rondje lichtverteerbare kwinkslagen zoals die dagelijks worden opgediend door De Wereld Draait Door of een brave huisvader kreeg van Claudia de Breij - u weet wel, die grappige - 8 minuten de tijd om uit te leggen hoe hij eigenhandig 1500 kinderprostituees had bevrijd in Bombay. Arme, Nepalese schaapjes die door hun eigen moeders waren meegegeven met een `vriendelijke mevrouw` die hen voedsel en onderwijs beloofd had. Vervolgens kwamen ze terecht in mega-bordelen waar ze moesten overleven in hokken niet veel groter dan een Westers toilet alwaar volwassen mannen hun zieke ding met hen mochten doen. Een keer per twee dagen een bord linzensoep, pissen door het gaatje in de deur en als ze eenmaal `opgebruikt` waren, werden ze uitgehongerd tot ze eenvoudigweg met stof en blik bij elkaar geveegd ende gedumpt konden worden.
Ik weet niet goed waarom ik dit nu zit op te schrijven in de verleden tijd want het gebeurt nog elke dag. Een horrorverhaal. De brave huisvader, die al sinds 1990 met zijn door de Nederlandse overheid compleet genegeerde Peoples Trust tegen dit fenoneem ageert, was even blij als onder de indruk van het feit dat hij eindelijk een keer op de nationale televisie mocht en kwam dus nauwelijks uit zijn woorden daarbij niet in het minst geholpen door Claudia de Breij die hem er niet vaak genoeg aan kon doen herinneren dat hij 8 minuten had. Acht! Het was vast ironisch bedoeld of een kortsluiting in de Breij`s hoofd maar zij gaf de indruk dat Peoples Trust blij moest zijn met die 8 minuten.
Terwijl het natuurlijk zo is dat die hele fokking Claudia de Breij driemaal daags de Here Jezus op haar blote knietjes mag danken dat zij de eer en het genoegen heeft om zo af en toe iemand in haar programma te mogen ontvangen die wel wat zinvols met zijn leven doet.
Alsof hij was uitgenodigd om dat laatste te illustreren door contrast, kreeg daarna Adje een eeuwigheid de tijd om zijn theaterrevu te pluggen. Terwijl iemand hem natuurlijk beter zou opsluiten in een ruimte ter grootte van een gemiddeld Westers toilet om daarna de sleutel te verstoppen in de aars van een grizzly.
Want zo gaat dat wanneer je met ellende geconfronteerd wordt: je gaat al snel hopen op rechtvaardigheid.
Storten maar.
Van lijstenmakerij.
Het einde van het jaar komt weer in zicht en dus is het tijd voor lijstjes. Zegt men dan. Oh, men. Ik heb helemaal niks tegen lijstjes. Maar ik heb nog veel minder met lijstjes. Andermans lijstjes mag ik graag lezen. Soms leidt het tot een eindejaarsaankoop, dat kan zomaar voorvallen - niets menselijks is mij vreemd. Maar zelf kan ik het simpelweg niet. Neem nu de tien beste platen van het jaar. Geen idee. Niet dat ik geen platen gekocht heb, ho ja zeker wel en zet maar een 0 achter die 10. Punt is: wanneer erom gevraagd, kan ik ze mij niet herinneren.
Zo was ik nog niet zo lang geleden op een uitermate gezellige avond in Paradiso alwaar ik onder de geneugten van een caipirinha of twee kennis maakte met een alleraardigste jongedame. De stemming zat er flink in en de steelse blikken waren niet van de lucht, toen ze vroeg: `Van welke muziek hou je?`. Lap. Ik zuchtte diep en dacht hard na. Of was het omgekeerd? Anyways, ik kon er niet op komen. Niet 1 naam van een door mij geliefd artiest schoot me te binnen. Ik haalde de schouders op en keek haar een beetje schaapachtig lachend aan. `Eh, ja, nou, weet niet.`, hoorde ik mezelf zeggen. Een potsierlijk antwoord, zeker in retrospectieve, wanneer men er een stukje over schrijft, gezeten aan een tafel, in een kamer waar zich een slordige 2000 vinylplaten en een veelvoud daarvan aan cd`s bevinden. Maar het mocht niet baten. Ik kon niets verzinnen. `Laat maar.`, wuifde ze haar eigen vraag vergoeilijkend weg en gelukkig hervonden wij al snel de gezelligheid die zo heerste voor De Vraag.
De tien beste platen van het jaar. Geen idee. En het kan me ook geen ene hol schelen. Wacht `ns? Zou het kunnen dat ik hier zomaar op een causaal verband stoot?
En verder kan ik u melden dat The Dirty Dicks - een zijproject van The Sore Bottom Boys waarover u weldra veel meer te weten zal komen dan goed voor u is - besloten hebben om het officiele kampioenslied van PSV op te nemen. Dus de beste plaat van 2007, die is gelukkig al wel gekend.
Misschien dat het allemaal veeleer om vooruit kijken draait, dan om terugblikken. Het zou kunnen.
Heden ten dage zou ik u graag naar een aantal zaken verwijzen.
Zoals daar zijn:
* De mooie column van (pdw) over half-mens, half-stripfiguur Prins Laurent lijkt mij een goeie follow-up voor wie de Belgische aard der dingen zoals beschreven in mijn vorige post nog niet helemaal goed vatte.
* Het geweldig goed geschreven en historisch fijn onderbouwd stuk over mijn lieve vrienden van de Partij voor de Dieren in de Volkskrant van vandaag waarbij genoemde partij in 1001 mootjes gehakt wordt door nota bene een lid van de Raad van Toezicht van de Nederlandse Dierenbescherming, Amanda Kluveld. Niet zo geestig als mijn eigen visie op de zaak - al zeg ik het zelf, ja, iemand moet het toch zeggen? - maar wel fucking to the point en vele malen verantwoorder en genuanceerder verwoord al komen Amanda en ik uiteindelijk wel gewoon tot dezelfde, hartverwarmende, conclusie: de PvdD moet dood.
* En of er dan tot slot nog iemand mij kan vertellen waarom de P.C. Hooftprijs naar Maarten Biesheuvel is gegaan en niet naar Estelle Gullit? Ik bedoel: halloooo, logica?!
Ceci n`est pas een taalstrijd.
Het is niet zo heel moeilijk om een top drie samen te stellen van domme vragen die Nederlanders met verontrustende regelmaat aan Belgen-die-in-Nederland-wonen stellen.
Met stip op 1: Praat jij Vlaams of Nederlands?
Een zeer goeie nummer 2: Ben jij Vlaming of Belg?
En de niet onverdienstelijke nummer 3: Die taalstrijd, is dat zoals een burgeroorlog?
Toegegeven, die laatste vraag wordt niet zo heel vaak gesteld, maar ze is zo hilarisch dat ze puur op inhoudelijke kwaliteiten een top 3-klassering verdient.
Voor alle duidelijkheid:
1. Vlaams =< Nederlands.
2. De Vlaamse nationaliteit bestaat niet.
3. De taalstrijd is een fata morgana die het merendeel van de Belgen gedoogt omdat de paar marginale losers die zich er na de jaren `60 nog druk om maken anders misschien een echt gevaarlijke hobby zouden gaan zoeken.
Dit alles naar aanleiding van de briljante practical joke die mijn vrienden van de RTBF afgelopen woensdagavond uit de hoge hoed toverden. Belgische humor van topniveau en een verpletterende repliek op de Houdini waarmee Balkenende de voorbije dagen Nederland naar de internationale top van het politieke klungelen dreigde te loodsen. Niet onverdienstelijk maar toch: sinds Dutroux & Willy Claes staat Belgie op dat vlak op eenzame hoogte. Dat is gewoon een feit. Blijven oefenen.
En een reden temeer voor ondergetekende om de nummer 4 van bovengenoemde lijst (`Ben jij nu ondertussen al Nederlander?`) tot het einde der tijden met een welgemeend: `HAHAHAHAHAHAHIHIHIHIHIHIHIHOHOHOHO STOP IK KOM NIET MEER BIJ!`` te kunnen blijven beantwoorden.
Belg is zijn is top. Echt waar. Iedereen zou het een keer moeten proberen.
De Volendammer Vishandel blues.
Het was een middag naar mijn hart: zonnig, koud en windstil. Het IJ lag er strak bij en ik stond op de kade een beetje te staren naar het Java-eiland. De eerste sigaret van de dag bezorgde me die aangename vorm van misselijkheid die alleen de roker naar waarde weet te schatten. Nu nog een broodje paling, bedacht ik. Mooi toch, al dat water in Nederland en de goeie ideeen die het in een mens naar boven brengt. Althans, zo werkt het voor mij.
Bij de Volendammer Vishandel stonden moeders met kinderen en vaders met kinderen en de boodschappentassen even aan de kant. Bakjes kibbeling gingen van hand tot hand en menig mini-winterjasje werd met ravigotesaus gecustomized maar niets kon de heersende zondagse vrolijkheid bederven; en dat op een zaterdag. Nu heb ik niets tegen kibbeling. Zeker niet. Kibbeling is ok. Maar ik ben simpelweg meer een palingman. Dat heb je niet voor het kiezen. Het is zo gegroeid en het zou me niet verbazen als ik binnen dertig jaar nog steeds een palingman ben. Sterker nog, het lijkt me een bijzonder prettig vooruitzicht. Een verstandig mens bouwt zijn leven op enkele stevige fundamenten. Daar hoeven we het nu niet in detail over te hebben. Maar neemt u gewoon van mij aan: een broodje paling op een zonnige, lekker koude zaterdagmiddag, daar kom je een heel eind mee.
Ik schoof aan bij de toonbank en probeerde de aandacht van een Volendammer Vishandel-medewerker te trekken. U kent dat wel. Kin omhoog, zoekende ogen, beleefdheidshalve wat links en rechts om je heen spieden alsof je je oprecht afvraagt of er nog iemand voor je is. Een verkoopster keek in mijn richting; we hadden contact maar ze was nog bezig met een klant. Er was iets met die verkoopster, maar ik kon er niet op komen. Haar haren waren strak naar achteren gebonden en haar blik verried even weinig levensvreugde als altijd. Wie moet werken in de Volendammer Vishandel kent het plezier van een koude zonnige zaterdagmiddag niet. Misschien hebben zij dat wel met andere middagen - ik weet het niet, maar ik hoop het voor ze.
De klant voor me nam haar bestelling aan. ``Zeg, jij hebt je haar geverfd he? Mooi hoor!``, complimenteerde ze de verkoopster. Die begon ongekend te stralen, schudde koket haar paardestaart en riep zielsgelukkig uit: `Dankjewel! Da`s dan 9.95!``.
Ik keek op. Had ze haar haar geverfd? Ik zag niks bijzonders. Alleen het zonlicht dat wreed weerkaatste in de glimmende, strakgespannen littekens die als vette olievlekken de huid van haar half weggebrandde aangezicht bedekten.
Een fractie van een seconde werd ik in de verleiding gebracht om ook wat te zeggen. Maar al snel beperkte ik me tot mijn gebruikelijke negeren van oogcontact. Iedereen heeft een of meerdere talenten die onderontwikkeld blijven. Bij mij is dat empathie, onder meer.
Asociaal invoegen op topniveau.
We gingen van 3 naar 2 rijvakken. Een VW-busje en een Volvo moesten er nog tussen. Ik liet netjes een gat vallen, om het in wielertermen uit te drukken. Toen ontspon zich een fascinerend duel. Het VW-busje lag in tweede positie maar maakte een wonderbaarlijk manoevre over de dikke witte lijnen, linksom de Volvo heen en dook zo dwars het gaatje in. De Volvo drukte zijn ergenis uit in onrustig vooruit-achteruit schudden en schakelen en ging zo dicht tegen het dwarse busje aan staan dat er geen uitweg meer mogelijk was. Correctie: leek. Want het VW-busje was onverstoorbaar en schudde een voor een busje wel heel bijzondere kontbeweging uit de mouw waar de Volvo niet van terug had. Dit alles resulterende in een tijdelijke patstelling waarbij het VW-busje netjes op het linker rijvak stond en de Volvo een beetje hangend tussen het linker en rechter rijvak in, op halve hoogte van het busje. Nog steeds schudde de Volvo van woede en frustratie. Even ging het portier open en dan snel weer terug dicht. Hij durfde niet. Vervolgens maakte het VW-busje een voor een busje schier onmogelijke zwenkende beweging, en dan nog een beetje nonchalant ook, alsof er een vervelende vlieg van de schouder verjaagd diende te worden, en dwong daarmee op wonderlijk wijze de Volvo achter zich in het linker vak.
Ik zat net niet te applaudisseren in de wagen. Ik bedoel, dit was asociaal invoegen op topniveau en ik weet waarover ik het heb - ik ben Belg, remember. U leest hier een stukje van een man die op de top van zijn asociaal invoegen-carriere, back in the ol` days, in volle spits Brussel kon binnen rijden zonder ook maar 1 keer aan de rem te komen. Ik ben, kortom, niet zo snel onder de indruk van een beetje asociaal invoegen, zeker niet in een land waar die sport - met alle respect - nog in de kinderschoenen staat. We moeten daar eerlijk in durven zijn: door al die politically correcte tolerantie waar Nederland zich in de jaren `80 en 90 rijk mee rekende, is het asociaal invoegen in haar ontwikkeling hier enorm achter gebleven op de rest van Europa. Maar dat VW-busje, ja, dat wist waar het mee bezig was.
De Volvo daarentegen stond nog steeds voor mijn neus een beetje kregelig op en neer te schudden. Ik zag een vinger omhoog gaan, hoofdgeschud, gefulmineer tegen de achteruitkijkspiegel (geen idee waarom mensen altijd tegen de achteruitkijkspiegel vloeken - zeker niet als de boosdoener voor hen in de file staat, maar goed). Toen ging het Volvo-portier weer open. Hij stapte uit. Ik ging er eens goed voor zitten. Een jonge kerel met krullend haar zette twee stappen in de richting van het VW-busje. Toen zwaaide hij met zijn rechtervuist in de lucht. Toen stapte hij weer in. En dat was het.
U begrijpt dat ik, verbijsterd en vol ongeloof over zoveel sissy-ness, mijn weg vervolgde onderwijl flink de staat van dit land vervloekende. Mijn achteruitkijkspiegel was er behoorlijk van slag van, kan ik u melden.
500.
Goed. Blijven zitten, daar draait het dus om. 500 woorden, dat valt per slot van rekening te overzien. Soms, wanneer ik dreig te verzwakken, copy/paste ik snel een stukje van vorige week ofzo in Word en dan tel ik de woorden. Neem nu dat stukje over de toestand van het leven. 719 woorden! Hoe moeilijk kan het in vredesnaam zijn? Zeg ik dan. Tegen mezelf. En dan blijf ik rustig een tijdje naar dat stukje kijken. Het geeft me moed.
Dan begin ik te rekenen. Die eerste alinea hierboven, bijvoorbeeld. Precies 80 woorden. Zou je niet zeggen, he? Het lijkt veel minder. Nu ik erover nadenk: tekst lijkt altijd minder. Dit in schril contrast met de rest van het leven. 500 gedeeld door 80 is 6.25. Dus 6.25 keer een alineaatje zoals hierboven en klaar is kees. Ongelofelijk. Appeltje eitje. 141.
Dan pak ik mijn grote notitieboek. Ik heb verschillende notitieboeken, voor alle duidelijkheid. Het grote notitieboek is een ...euh groot, bruin boek van Paperblanks met een stijve kaft en een rood leeslint. De cover van het boek is in relief bedrukt met allerlei middeleeuws aandoende calligrafie-achtige krullen en andere tierelantijntjes die het een voorname Dit Boek Is Van Een Schrijver-uitstraling geven. Dat is het notitieboek voor thuis, bij de televisie en een goed glas wijn. Dan hoor ik iemand iets grappigs zeggen. Of iets waar ik ooit `ns heel hard over ga nadenken maar niet nu want het is Champions League. En dat schrijf ik dan op in het boek. De laatste zin die ik in dat boek opschreef, gaat als volgt: ``Een restaurant zo slecht, dat het enkel geschikt was om een prille vriendschap mee op de proef te stellen.`` Geen idee waar of van wie ik dat gestolen heb. Wie zijn eigen zonden niet vergeten kan, heeft geen leven.
Dan heb ik een iets kleiner, zwart Moleskine-boek. Dat is voor liedjes. De laatste tijd gebruik ik dat boek niet meer zo vaak. De laatste zin die ik erin opschreef was: ``Your secret dark lies fit the colour of your eyes.`` Geef toe, daar zit een song in. 351.
Dan zijn er de kleine, beige Moleskine-boekjes op zakformaat. Zo heb ik er maar liefst drie. Nummer 1 heb ik volgeschreven met anekdotes over onze reis naar Zanzibar. Nummer 2 is voor random gedachten en ideeen in de werksfeer. Nummer 3 is voor wanneer ik iets hoor of bedenk dat in het Dit Boek Is Van Een Schrijver-boek thuis hoort op een moment dat ik het Dit Boek Is Van Een Schrijver-boek niet bij me heb. Want dat neem ik nooit ergens mee naartoe. Dat zou erover zijn. 440.
En voor je het weet zit je alras aan zo goed als 500 woorden en dan kijk je verbaasd op en je ziet dat het nog niet eens kwart voor tien is en je denkt: hoeveel woorden zou een roman eigenlijk zijn? Zo zie je maar. Van moed naar overmoed in krap 500 woorden. Een kind doet de was. 500.
Havana 2
Stellen dat Liefje niet van voetbal houdt is een understatement van het niveau ``Ivo Victoria is niet zo dol op De Partij voor de Dieren``. Liefje haat voetbal met een intensiteit waar menig fundamentalistisch moslim diep respect voor zou hebben. Het is een kleine smet op onze voor de rest in brede vriendenkring alom jaloezie veroorzakende modelrelatie - wij respecteren elkaar, wij zijn trouw aan elkaar, wij zijn nog steeds madly in love en wij maken geen ruzie over wie de wc-bril niet omlaag gedaan heeft omdat wij nu eenmaal boven dat soort futiliteiten staan (en omdat we allebei weten dat ik het ben en dat dat een van de vele gebreken is die God mij heeft gegeven ter compensatie voor mijn perfecte lichaam en onverwoestbare sex-appeal).
Evenwel. Ik ben gek op voetbal. Ik kijk voetbal, ik lees voetbal, ik kan me niet meer herinneren wanneer ik voor het laatst niet aan voetbal dacht. En ik voetbal. Zelf. Bij het gereputeerde Havana 2, maak ik al geruime tijd grote sier in de UVA-zaalvoetbalcompetitie. U moet mij zien als een soort van mash-up tussen Luc Nilis en Romario: technisch begaafd, nagenoeg perfect tweebenig hoewel oorspronkelijk linksvoetig en zoals menig voetbalkenner weet zijn linksvoetigen de kers op de slagroomtaart van het hedendaagse voetbal: creatief, onvoorspelbaar, veelal beslissend voor de wedstrijd want in staat om grote schoonheid af te wisselen met onbegrijpelijke missers. Dat dus, maar dan zonder die missers natuurlijk, ja, duhu. Verder ben ik natuurlijk ook snel, alert, heb ik een briljante korte kapbeweging in huis, ben ik meedogenloos voor doel en al dat soort dingen. Kortom, een waar genot voor het oog.
Voor Liefje zijn het echter parels voor de zwijnen. Op de vijf jaar dat wij het leven met elkaar delen, heeft zij niet 1 wedstrijd bijgewoond. En als ik thuiskom na weer een glorierijke overwinning, mag ik nooit, maar dan ook echt NOOIT `ns een keertje uitleggen hoe vaak en vooral hoe ik gescoord heb. Ik vind dat niet te doen. Doelpunten uitleggen, met uitgebreide schetsen en gedetailleerde stap-voor-stap beschrijvingen van de balaanname tot het trillen van de netten, is - na het scoren zelf - namelijk het allerleukste wat er is. En dat mag ik dus nooit.
Dusseh. Voor zover u hem nog niet voelde aankomen: u bent vandaag het slachtoffer. Want gisteravond verpletterde Havana 2 het nochtans normaal gesproken immer lastig te bekampen Riverside met maar liefst 9-1! Waaronder 6 (zes!) treffers van ondergetekende. Die ik u nu aan de hand van 6 eenvoudige schetsen even in detail zal beschrijven. Zonder dank.
3e minuut, 1-0
Een dieptepas van onze rechtsback Rene Beton - het type verdediger vergeleken waarbij Jaap Stam een toonbeeld van elegantie lijkt - wordt onderschept door de ver uit zijn doel komende Riverside-keeper. Deze controleert de bal echter onzorgvuldig en schuift hem ongewild voor de linker van de immer alerte Ivo Victoria die met een fabelachtige boogbal/lob in de rechterwinkelhaak van het doel de 1-0 op het bord zet.
4e minuut, 2-0
Rechtshalf Marco `Psychomarkie` Bakker steekt slim de bal achter de vijandelijke verdediging, recht in de loop van de immer op de loer liggende Ivo Victoria die beheerst met rechts binnenschuift.
6e minuut, 3-0
Wonderlijke eentijdsvoetbalcombinatie tussen Rene Beton, Psychomarkie en Ivo Victoria. Deze laatste negeert ploegmaat Pascal T. omdat die in de topscoorderslijst te dichtbij staat en dat moeten we simpelweg niet willen en dus schuift Ivo Victoria wederom met zijn iets minder briljante rechtervoet de bal onder de keeper binnen.
15e minuut, 4-0
Een uitworp van doelman Jim - mijn-broer-heet-Dolf-maar-ik-kan-nog-sneller-en-vooral-luider-praten - Jansen wordt door middenvelder Jerke Van der Woerdt verlengd richting Ivo Victoria die met een goddelijke schijnbeweging de keeper op het verkeerde been zet en simpel binnenlegt. Soms kan voetbal van een hartverscheurende eenvoud zijn.
27e minuut, 6-0
Na wederom een in alle eenvoud perfect uitgevoerde eentijdsvoetbalcombinatie, mag Ivo Victoria ongehinderd op het vijandelijke doel afstormen. Zijn schot vliegt de doelman zo verschroeiend hard om de oren dat deze een blijvende gehoorbeschadiging oploopt.
33e minuut, 8-0
Riverside zet alles op alles om een eerreddend doelpunt te scoren en dat biedt ruimte voor de counter. Wederom verschijnt Ivo Victoria alleen voor de keeper. Ronaldinho-gewijs kijkt hij naar links en plaats de bal tegelijk rechts binnen tot verbijstering van de doelman en de eigenlijk gunstiger geplaatste ploegmaat Pascal T. die naar Ivo Victoria`s smaak iets te veel het gevoel heeft dat hij ook deugdelijke spits is en dat moeten we dus gewoon niet willen.
Tussendoor werden er ook nog drie verwaarloosbare goals gemaakt door andere spelers van Havana 2 waar jullie verder niet in geinteresseerd zijn dus daar gaan we ook niet op in, honestly, who cares. Dus. De van toepassing zijnde `Ooooh!``s en `Aaaaah!``s mag u achterlaten in de comments. Volgende week volgt de topper tegen FC De Boesjansers.
Arpu`s.
Consultant B: ``Dus hebben we Effect Inc. opgericht.``
Consultant A: `` Wat wij doen...``
Consultant B: ``... is bedrijven naar het buitenland brengen.``
Consultant A: `` Of naar het binnenland.``
Consultant B: ``Altijd binnen TIME.``
Baas E. en ik zoeken oogcontact. We voelen de bui al hangen. Vermoeid zucht Baas E.: ``TIME?``
Consultant B ``Telecom. IT. Media.``
Consultant A ``Entertainment.``
Consultant B: ``Stukje expansie.``
Consultant A: ``Stukje outsourcing.``
Consultant B: ``Stukje risico management.``
Consultant A: ``We stellen ons netwerk open.``
Consultant B: ``Ondertussen zitten we in 16 landen.``
Consultant A: ``Binnenkort in 23.``
Consultant B: ``23. Maar we werken alleen met topmensen.``
Consultant A: ``Ze moeten minstens al een exit of twee gemaakt hebben.``
Consultant B: ``Minimaal. Twee exits. Anders heb je bij ons niks te zoeken.``
Ik gooi nog een klontje suiker in mijn koffie. Vanuit een ooghoek zie ik dat Baas E. ook niet weet wat een exit is. Wij hebben er alleszins nog geen gehad. Waarom niet eigenlijk? Onzekerheid zaaien; je moet het kunnen.
``Dusseh.``, bladert Baas E. afwezig door zijn agenda.``Wat zouden we voor elkaar kunnen betekenen?``.
Consultant A: ``Zweden.``
Consultant B: ``Daar gebeurt het.``
Consultant A: ``Het gaat niet om Web 2.0``
Consultant B: ``Web 2.0 is zo twee weken geleden.``
Consultant A: ``Hij is al verder.``
Consultant B: ``Ik ben al verder. Ik noem het Human 2.0.``
Consultant A: ``Dus.``
Consultant B: ``Eerst wat cijfers. Bezoekersaantallen? Emaildatabase? Arpu`s?``
Baas E.: ``Arpu`s?``
Consultant A: ``Average Revenue Per User.``
Consultant B: ``Telecomterm.``
Consultant A: ``Ik ken een partij...``
Consultant B: ``...in Zweden...``
Consultant A: ``...die kan wonderen doen voor jouw arpu`s.``
Consultant B: ``Ze zitten nu op 140%.``
Consultant A: ``Gaat meer worden.``
Consultant B: ``Wat ik geleerd heb in ARG`s is...``
Baas E.: ``ARG`s?``
Consultant A: ``Augmented Reality Games.``
Consultant B: ``...eerst moet je zorgen dat ze hooked raken.``
Consultant A: ``Daarna ga je geld vragen.``
Consultant B: ``Kleine bedragen.``
Consultant A: ``Per maand.``
Consultant B: ``3 dollar bijvoorbeeld.``
Consultant A: ``Lijkt niks.``
Consultant B: ``Is wel 36 dollar per jaar per user.``
Consultant A: ``Komt uit de porno-industrie.``
Consultant B: ``De porno-industrie heeft gepionierd op internetgebied.``
Consultant A: ``Die zaten er meteen vol in.``
Consultant B: ``Ik stel voor dat we een vervolgsafspraak maken. Om concreet te worden.``
Baas E. en ik knikken met het enthousiasme van iemand die weet dat tegensputteren geen zin heeft. Dit soort types moet je uitputten. Ja, zo zit het. We maken een vervolgafspraak. Dit is wel wat. Hier zit iets in. We trekken agenda`s. Volgende keer worden we concreet. En daarna hebben we het over geld. Ja. Zo gaan we het doen. We schudden handen en kloppen schouders. We gaan aan onze arpu`s werken. Afgesproken.
Godverdegodver.
Ondanks de spamquiz in het reageerding, krijg ik de laatste dagen toch weer een heleboel spamreacties binnen. Que?! Iemand die weet hoe dat kan en vooral: hoe ik er weer vanaf kom? Vielen dank!
