Ivo Victoria was in Zanzibar (2): Ik vaar op de Indische Oceaan en ik denk aan Barry Hughes.

Op weg naar de ferry die ons naar Zanzibar zal brengen, komen we de eerste papasi van betekenis tegen. Mijn grootste angsten voor vertrek naar Tanzania waren 1. Dat er te veel papasi zouden zijn. 2. Dat ik malaria zou krijgen. 3. Dat we ontvoerd zouden worden door Zanzibariaanse vrijheidstrijders en naakt midden in de jungle achtergelaten zouden worden ten prooi aan rode mieren en gigantische coconut crabs. In die volgorde. Papasi is Swahili voor mannetjes-die-waar-je-ook-gaat-op-je-af-komen. U kent ze wel. Ze heten je welkom. Ze vragen waar je vandaan komt. Ze gaan je helpen. Ze hebben een special price voor je. Want jij bent hun vriend. Ze blijven aan je kleven als gaffa tape.

Eerder ontmoetten wij deze types al in Tunesie, een land dat ik er tot op heden van verdenk de vasthoudendheid te hebben uitgevonden. Evenals de kunst om in alles een aanmoediging of een belediging te zien. Hoezo je wil niet - ben ik misschien niet goed genoeg? Of: ha, je wil het niet, geen probleem, ik heb ook nog wat anders in de aanbieding! `Neen` negeren ze en op elk ander argument hebben zij het antwoord al klaar. Het lijken wel vrouwen.

Niets van dat alles echter in Tanzania. Onze Oost-Afrikaanse vrienden zijn grofweg op te delen in twee soorten. De ene zijn gewoon niet zo heel erg goed in wat ze doen. Ze lijken moe. Terwijl ze je begroeten met een zacht, zuchtend `Jambo, my friend.`, staat het berusten in een nieuwe afwijzing al in hun ogen te lezen. Een simpele `No, thank you.` volstaat om ze af te schudden. Amateurs. De anderen zijn dan weer er-rug goed in wat ze doen. Charmant, vrolijk, geestig, geinteresseerd. Alleen: ze vergeten dat ze ook nog wat wilden verkopen. Ze vinden het eigenlijk al lang goed als ze hun Engels kunnen oefenen. Pro forma bieden ze je nog een better price aan voor het een of het ander maar daar gaat het eigenlijk niet om. Ben je getrouwd? Heb je kinderen? Twee keer neen? Hilariteit! Met die grap kunnen ze straks flink uitpakken op cafe.

Zes vrienden voor het leven later hebben we tickets voor de boot. We varen eerste klasse. Meer uit nieuwsgierigheid dan uit drang naar luxe en gelukkig maar. Eerste klasse varen komt erop neer dat we helemaal bovenin zitten zodat we de deining van de golven beter kunnen voelen. En we kunnen TV kijken. Op het programma: een 70-ties TV Serie waarin een blank koppel wordt verorberd door een alligator tot groot genoegen van onze autochtone medereizigers. Daarna een DVD met sport bloopers uit de jaren 80. Een Nederlandse DVD. Veel fragmenten uit vervlogen WK`s Veldrijden. Eindelijk een plek waar ze die sport op haar juiste waarde weten te schatten, namelijk: als zijnde uitstekende slapstick comedy. Ik zie een spectaculaire own goal van Feyenoord. De legendarische vliegende hakbal van Willy Carbo. Jean-Marie Pfaff na afloop van het WK-barrageduel Nederland-Belgie in 1985. Heel veel Barry Hughes-grappen. Barry Hughes! Ik vaar op de Indische Oceaan en ik denk aan Barry Hughes. Het moet niet gekker worden. De Tanzanianen vinden het allemaal prachtig. Als blanke word je hier sowieso 24/24 uitgelachen. Of dat gevoel heb je. En wat meer is: je gunt het ze. Niet uit een soort van misplaatst meerderwaardigheidsgevoel maar omdat hun lach zo aanstekelijk is en wanneer je in de spiegel naar jezelf kijkt, met je rode hoofd en je fashion victim look, kan je je alleen maar afvragen of zij misschien, heel misschien, hun prioriteiten wellicht iets beter op een rij hebben dan wij.

Wanneer we aanmeren in Stone Town, is het al donker. Met zijn honderden stommelen we over een te smalle loopbrug de boot af. We komen terecht in een stofwolk van taxichauffeurs en papasi. Er wordt geschreeuwd, geduwd, getrokken. `This way, my friend, this way!` `You need taxi, you need taxi?` Een oude man blijft aan ons trekken. `First go to immigration! I bring you to immigration`. `Rot op met je immigratiedienst, Zanzibar is niet eens een echt land!`, bijt ik hem toe in het Nederlands. Onze vriend Rough Guide heeft ons aangeraden vooral mee te doen met de nepprocedures van de Zanzibarianen. Al is het gewoon een deel van Tanzania, ze doen graag alsof ze onafhankelijk zijn. Morgen vind ik het vast aandoenlijk maar nu even niet. Uit pure recalcitrantigheid weigeren we alle aanbiedingen voor vervoer of verblijf, worstelen ons langs immigratie de haven uit en kiezen voor de taxichauffeur die het minst zijn best doet om ons als klant te werven. Al snel blijkt waarom: hij is knetterstoned. Ik begin me hier thuis te voelen.

(optioneel veld)
(optioneel veld)

Reactiemoderatie staat aan op deze site. Dit betekent dat je reactie niet zichtbaar zal zijn, tot deze is goedgekeurd door een beheerder.

Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.

Alle teksten op deze site zijn auteursrechterlijk beschermd.
Geen reproductie op welke wijze dan ook zonder toestemming van de auteur.