The Sore Bottom Boys USA 2007 (8): Weemoedig maar zonder spijt kijken de Boys terug.

Precies een jaar geleden vertoefden The Sore Bottom Boys in de US of A. Geluk was heel gewoon. Omdat het tegenwoordig zeer hip is om een film van je tour uit te brengen, bij deze alvast de trailer van de onze, featuring Mr. Twizt. Voor de fijnproevers, inderdaad.

De Olvarit blues.

Voor mij stond een man met een weelderige haardos die bij elk biertje dat hij neerzette luchtig opveerde. Een permanent. Waar en wanneer is de herenpermanent in onbruik geraakt? Het is donkere kennis die ons niets oplevert, maar soms vraagt een mens zich af.

Bij de kassa naast ons stond een mooie jongedame. Zo. Daar was niks mis mee. Ze was slank en groot en een strak geel-zwart gekleurd motorjek accentueerde het goede werk van moeder natuur. Ze keek me aan. Zo. Dat kon niet missen. Die keek me dus echt duidelijk aan, let op, dat werd koekenbak. Vrank en vrij keek ik terug. Hoe oud zou ze zijn? Wat deed dat ertoe? Mijn uitstraling kent wet noch gebod.

Mooi toch, dit soort toestanden en dat op mijn leeftijd. Blakend van zelfvertrouwen pakte ik in. Ik kon het niet laten even te checken. Ja hoor. Dat zag er weer goed uit. De weerspiegeling van een potje Olvarit liegt nooit.

Ik hou er niet van te doden.

Ieder gezelschap kent haar experts. Dat is mooi. Het is fijn een expert te zijn. De kunst is overmoed te vermijden. De jongen was in zijn omgeving een expert in technologie. Nu bevond hij zich in onze omgeving. Op tragische wijze vroeg hij of we wel eens van de Wii gehoord hadden. Dat was een "next step thing", namelijk. Wij keken hem aan als een ballotagecommissie. Een ballotagecommissie op een slechte dag.

Daarna voorspelde hij het LED-licht een duistere toekomst.

Ik vroeg me af wat het beste was. Hem een abonnement op Bright Magazine aanbieden. Of hem doden. Ik ben er nog niet uit.

Ik hou er niet van te doden, maar nog minder hou ik ervan mensen te confronteren met de vele teleurstellingen die de toekomst voor hen in petto heeft. En ik probeer mijn leven vol te maken zonder allebei gedaan te hebben. Daarnaast streef ik ernaar om arrogant gedrag tot een strict noodzakelijk minimum te beperken.

Het is de combinatie die het zo moeilijk maakt.

Onbeschoftheid is een beslissing.

Men vertelde mij dat de bediening in de Weense koffiehuizen van zulk een onbeschoftheid is, dat Oostenrijkers collectief de gewoonte hebben aangenomen elke zin die zij tot het bedienend personeel richten te beginnen met "Entschuldigung, ...". Daarbij dient men aarzelend de hand op te houden en de gepaste terughoudendheid in acht te nemen. Anders is er geen beginnen aan. En dan nog.

Ik haalde de schouders op. Ik woon in Amsterdam. Namelijk.

Dat mocht dan wel zo zijn, maar het verschil was: Amsterdamse obers doen het uit onkunde. Weense obers zien het als hun missie. In de Weense horeca is slechte service een keuze, geen onbeholpenheid.

"Daarom kan ik voor Amsterdamse obers geen respect opbrengen.", besloot ze.

De korte inhoud van een etentje.

Iemand vertelde hoe ze ooit vol in een rode peper beet. Daarna mocht iedereen om beurt zijn beste pikant verhaal vertellen.

Aan het eind van de avond was ik dronken.

Rust, vriend.

De rust is weergekeerd, als een oude vriend. Met grijze haren, vermoeide blik en grappen waar wij vroeger samen om lachten. Dag rust, dag vriend, het is goed je weer te zien. Bij statcounter dachten ze de voorbije dagen dat ik in gratis Russische vrouwen deed. Of anders wel in pokeren zonder verliezers. Dat vond ik niet erg, maar ik ben blij je weer te zien. Koffie?

Nee, zegt de rust, geen koffie. Zo lang kan ik niet blijven.

Dus.

Aanstaande dinsdag, Vandaag, zo rond half twaalf 's middags, ben Afgelopen dinsdag was ik te gast in Mezzo op de Belgische Radio 1. Daar doe deed ik nog een keer het verhaal uit de doeken. Daarna Nu houden we erover op en ga ik lekker off line een mooi boek schrijven, en blijf ik lekker on line obligate egostukjes plegen. Beloofd!

U bent Belg. Het kan gebeuren.

U bent Belg, u hebt vandaag De Standaard gelezen. Of Het Nieuwsblad. Of vorige week de Gazet van Antwerpen. Het kan iedereen overkomen, ook de besten. Veel plezier op mijn blog, kijk rustig even rond en kom nog 'ns terug, ja, kom vooral nog eens terug en laat me weten hoe het daar is. Want ik blijf hier.

Alle goede dingen nemen tijd. En het kopen van damesschoenen.

- "Bon."
- "Eh, oui."

Mijn schoonvader en ik stonden met Lola Victoria op de Leidsestraat. Over de tramsporen heen en tussen de shoppende meute door, tuurden we de winkel in.

- "Eh, oui."
- "Bon."

Alle goede dingen nemen tijd. En het kopen van damesschoenen. Een man en een scholier liepen ons arm in arm voorbij. Mijn schoonvader dacht dat in Amsterdam echt alles zomaar open en bloot kon, maar ik zag de handboeien.

Daarnaast zag ik petten. Veel petten. Ja, het leek die middag in de Leidsestraat vooral om petten te draaien. Petten die dwars op het hoofd staan met als doel er tegelijk cool en idioot uit te zien want, zoveel is mij ondertussen wel duidelijk, er tegelijk cool en idioot uit zien is het nieuwe zwart. Verder geen idee of dat lekker honkballen is.

Enkele lichtjaren later zaten we in La Place. Ja, schoonouders, het doet wat met een mens. Bovendien dronken we bier. Ik sloeg prompt maar weer eens aan het observeren en ik stelde vast dat eenzaamheid tot ons komt in vele gedaanten en vandaag was de eenzaamheid respectievelijk: een Zuid-Amerikaans meisje dat alleen aan een tafeltje dromerig over een aardbei milkshake en een bord champignons in looksaus uit staarde. Een man die net uit de cel ontslagen was en zijn oude moedertje uit eten nam. Twee dames van 18 die hun kansloze toekomst in de verf zetten door middel van een onherstelbaar smakeloze combinatie V&D kleding.

Op de tram naar huis zag ik de verrimpelde handen van een toeristenkoppel over de kaart van Amsterdam glijden. Als alles volgens plan verloopt, vragen zij rond deze tijd aan enkele hangjongeren in Diemen-Zuid of Artis op loopafstand is.

Lekker (5).

Sloom rolden we richting Leidseplein. Voor me stonden een kale en een dikke. Ik dacht aan Peppi en Kokki, dus ik dacht aan Lola Victoria. Want alle knuffels van Lola Victoria heten ofwel Peppi ofwel Kokki. Net als de poezen. Dat zorgt zelden voor verwarring, dat is het mooie van 8 maanden oud zijn - er is nooit verwarring, alleen vreugde en verdriet. En honger. En kaka. Maar hoe aanlokkelijk die gedachte ook moge zijn, wij kunnen nooit meer terug.

- "Zo.", zei Peppi.
- "Dat mag je wel zeggen.", beaamde Kokki.
- "Wat een stad. De mooiste vrouwen wonen in Amsterdam."
- "Je weet hoe het is. De mooiste vrouwen, dezelfde sleutels."

De mooiste vrouwen, dezelfde sleutels. Ik googlede dat compartiment van mijn hersenen dat exotische zegswijzen opslaat, maar nee, nul zoekresultaten. Wat zou het willen zeggen? Welke sleutels? Waar bieden zij ons toegang toe en is het zo dat mooie vrouwen ons de illusie geven met diezelfde sleutels andere deuren te kunnen openen dan lelijke vrouwen terwijl dat helemaal niet zo is? Is dat de kracht van mooie vrouwen? Kreeg ik hier van Peppi en Kokki een les voor het leven, zomaar? Stonden wij net nog geheel onafhankelijk van elkaar te koekeloeren naar mooie vrouwen op het Leidseplein, waren wij nu dan, in de paar seconden die het duurt om wijsheid te verkondigen, voor eeuwig met elkaar verbonden?

- "Zo."
- "Ik dacht dat ie ging stoppen maar hij rijdt nog een stukje door."
- "Lekker."