Ochtenden als deze.

Vanochtend zag ik op de Veemkade een cursus zelfverdediging voor mountainbikers. Jawel. Alles op dit weblog is weliswaar gelogen, maar ik kan u verzekeren dat ik zelden wat hoef te verzinnen.

De instructeur demonstreerde hoe je als mountainbiker in de grote stad eventuele agressie te lijf moest gaan. Hij hield zijn fiets in de lucht en duwde hem langzaam maar krachtig naar voren als ware hij een oude meester in een Oosterse krijgskunst.

Als u vandaag een groep mountainbikers tegen komt in de omgeving van de Oostelijke Eilanden: niet aanvallen.

Verder werd ik zonet blij verrast bij het checken van mijn stats: deze website staat met stip op nummer 38 van Yahoo-zoekresultaten wanneer men zoekt op ‘mijn piemel in jou’. Net ná Libelle. Da’s dan weer een beetje jammer. Maar goed: als u mij ooit kwijt bent, dan weet u nu hoe u mij terug kan vinden.

Pragmatische overwegingen bij een gepierced leven.

“Ik heb ook een tijdje een schroef in mijn nek gehad. Dan kon je daar wat op schroeven. Vond ik wel geinig. Maar vervelend als je je na het douchen ging afdrogen, man.”

Om beurt bracht hij zijn linker en rechtervuist naar zijn hals. Ik knikte begripvol. Dat was inderdaad weinig praktisch.

Tevens had hij zijn trommelvlies geperforeerd met een oorpiercing, door tijdens het surfen met de zijkant van zijn hoofd op de plank te vallen. Dat was wat vergezocht, vond ik, maar wellicht niet minder pijnlijk.

Tot slot bespraken we uitgebreid de risico’s die verbonden zijn aan een Prins Albert. Er werden zinnen gevormd met de woorden ‘eikel’, ‘twee helften’ en ‘scheuren’.

Ik had nooit eerder stil gestaan bij de pragmatische overwegingen die onlosmakelijk verbonden blijken te zijn met de keuze voor een gepierced leven.

Ze zeggen dat ik een goede tijd gehad heb.

Ik liep rond op Lowlands. Mijn eerste als bezoeker – de voorgaande zes edities zat ik in de organisatie. Iedereen vroeg of het gek was. Ik zei dat het gek was. Daarna vroegen ze of ik het miste. Ik zei dat ik het niet miste.

Dat gesprek heb ik zo vaak gevoerd en bleek zichzelf met zulk een efficiëntie te vermenigvuldigen, dat aan het eind van het weekend nieuwe gesprekspartners de conversatie zelf al gingen voorspelen, voor mijn neus, als een soort van bizarre innerlijke dialoog met zichzelf waarbij ik deel van hen was geworden. Ehm. Ja.

Dus. Dan vroegen ze of ik het gek vond - je vindt het gek, he – en of ik het miste – maar je mist het niet, he – en of ik spijt had van mijn beslissing – maar ik hoorde dat je absoluut geen spijt had? In die laatste vraag-slash-antwoord klonk soms een licht verwijtende ondertoon.

Maar goed. Het was gek. Ik miste het niet. Ik heb geen spijt. En ik was zo ongelofelijk dronken op zaterdagavond dat ik pas de volgende dag van andere mensen heb moeten vernemen dat ik een goede tijd gehad heb. Kijk. Dan doe je het goed, volgens mij.

The Sore Bottom Boys op Lowlands (slot): The Sore Bottom Boys fight the Pink Robots.

Gisteren: tijdens een confrontatie met de Cosmic Colour Club, legde Ivo Victoria's karma het lokale Wifi-netwerk plat. Achtervolgd door een ziedende organisatie, belandden de Boys in de LLowzone.

Net toen de Boys de cursus Spelen met Energie wilden verlaten, stormde de reusachtige man in het zwart de tipi binnen. "Daar zijn die sukkels, ik gooi ze er godverdomme uit!"
"Ook als we adverteren in de Daily Paradise?", had Solo Loe nog geprobeerd, alvorens Polka Paultje hem de tent uit sleurde.

Niemand die acht had geslagen op Ivo Victoria, die middels een door de cursusleider aangemoedigde mentale krachtinspanning net los kwam van de grond. Steeds hoger steeg hij, de lucht in.
"En dat is een schending van het luchtruim!", had de reusachtige man in het zwart alsnog vruchteloos ingebracht. Maar Victoria was niet meer tegen te houden en een gunstige oostenwind dreef hem richting de Grolsch.

Slim hadden Paultje en Loe van de verwarring gebruik gemaakt en na een door het Guinness Book of Records geregistreerde plaspauze op Planet Paradise kwamen ze net op tijd aan in de Grolsch tent. Showtime! Ook zonder soundcheck, The Sore Bottom Boys abide.

"Zo, dat viel alleszins mee.", danst Solo Loe zich de longen uit zijn veelkleurige lijf terwijl de menigte uit haar dak gaat. Met een swing die haar weerga niet kent, demonstreert hij danspasjes uit een parallel universum.
"En kijk eens hoe sympathiek het publiek reageert.", glimt Polka Paultje. Zijn roze Stetson staat hem beeldig. De Flaming Lips mogen zich weliswaar sterren wanen op het podium, maar het zijn onmiskenbaar de Boys die de tent betoveren. "He, Loe, heb jij Ivo nog gezien, trouwens?"
"Kijk eens," duwt Solo Loe twee robots aan de kant terwijl hij een trotse blik omhoog werpt.

Daar, in de nok van de Grolsch, hangt Ivo Victoria, gehuld in een spierwitte Karate Master Gi, in kleermakerszit tussen twee gigantische roze ballonnen in. "I am Yoshimi, I am Yoshimi.", leest Polka Paultje vertederd Ivo's lippen. Geroerd pinkt Solo Loe een traantje weg.

Ja, het zijn stoere mannen met een hart van zuivere Afghaan. Het zijn The Sore Bottom Boys, wie kent ze niet.

(Dit is het derde en laatste deel van een feuilleton dat dit weekend verscheen in de dagelijkse Lowlands festivalkrant, de Daily Paradise. Vanaf morgen op deze plek: terug normale stukjes. Don't worry.)

The Sore Bottom Boys op Lowlands (2): The Sore Bottom Boys spelen met energie.

Gisteren: De Boys zijn op zoek naar hun soundcheck. Een grijsaard lijkt te weten hoe het zit. Maar kan Ivo Victoria vermijden dat zijn karma interfereert met het lokale wifi-netwerk?

"Hey, jij daar!", poneert Polka Paultje met grote stelligheid een stelling. De grijsaard bij het Cosmic Colour lichtorgel rolt een links draaiend rokertje Dutch Spirit terwijl zijn buik overtuigend Moeder Aarde symboliseert. Respectvol kijkt Solo Loe toe. That's a first.

"Luister, vriend.", gromt Paultje. "Waar is onze soundcheck?" Langzaam kijkt de grijsaard op. "Luister naar het geluid van het licht," steekt hij zijn wijsvinger omhoog.

Prompt stopt het met regenen. De wolken breken open en het zonlicht tovert een witte gloed rond de hoofden van de Boys. De lucht trilt, alles en iedereen in de omgeving lijkt transparant, kortom: de aardstralen vliegen in de rondte dat het een lieve lust is.

Zoveel kosmische energie, dat hoeven de Boys niet te pikken. In een verzengende stilte zet een heftig transpirerende Victoria geconcentreerd zijn karma onder hoogspanning bij wijze van tegenzet. Prompt vallen de LTV schermen uit. Een reusachtige man in het zwart dendert voorbij, portofoon in aanslag: "Het wifi-netwerk is godverdomme uit de lucht! Ik flikker die idioten er godverdomme uit!" Uitgeput stort Ivo Victoria ter aarde.

"Luister, vriend.", valt Polka Paultje stijlvol in herhaling."Niet met onze voeten spelen, hé." Bedachtzaam rookt de grijsaard aan. Vol ontzag schikt Solo Loe zich in zijn rol van meeroker. That's a second first.

"Speel met je ziel, speel met je energie.", mompelt de grijsaard in de richting van Lake Lowlands.

"Volg mij!", gilt Polka Paultje totaal senang, "Dat is een tip!" En daar gaan onze Boys, door de Hemelpoort, recht naar de sloepen bij de oever. Aan de overkant lonkt de LLowzone, achter hen komt een reusachtige man in het zwart aangestormd. Te laat? Te vroeg? Te pas of te onpas?

(Dit is deel 2 van een driedelig feuilleton dat dit weekend verschijnt in de dagelijkse Lowlands festivalkrant, de Daily Paradise. Morgen: De Boys belanden in de LLowzone. Hoe pakt Polka Paultje dit logistiek op? Wat doet dit met de toeters die Solo Loe draait? En is Ivo Victoria's levitatie tijdens de cursus Spelen met Energie nu wel of niet een schending van het luchtruim? Het zinderende slot!)

The Sore Bottom Boys op Lowlands (1): The Sore Bottom Boys, wie kent ze niet.

Je hebt Solo Loe, de geheel uit tattoos en Afghaan van een goed jaar opgetrokken leader of the band. Er is Polka Paultje, de sympathieke visionair-annex-slaggitarist -annex-zakelijk leider wiens onnavolgbare timing in staat is elke rocksong van een driekwartsmaat te voorzien. En tot slot: Ivo Victoria, de diepzinnige zanger van wie men beweert dat hij zo hard kan nadenken dat andere mensen er hoofdpijn van krijgen.

Na vier even succesvolle als gecancelde Amerikaanse tours, talloze Grammy's die onbaatzuchtig werden weggegeven en milieuonvriendelijke hoeveelheden groupies, zijn The Sore Bottom Boys eindelijk waar hun charisma het best tot zijn recht komt: Lowlands!

Het is vrijdagochtend en in de 24-uurs tent roepen enkele roze robots dat zij nog bijlange na niet naar huis gaan. Met een vorm van bedachtzaamheid die diepe woede verraadt, draait Solo Loe een rokertje waar wat in zit, zij het niet zoveel als in zijn glasheldere analyse: "Dus. Polka. Paultje.Welk aspect precies van deze après-ski hut heeft jou ervan overtuigd dat wij mainstage geprogrammeerd staan?"

Met de pedant sympathieke overtuiging waarvoor hij bekend staat, had Polka Paultje zijn bloedbroeders naar het Duracell Powerhouse geleid. "Volg mij!", had Paultje geroepen. "En dat is een tip!". Maar in deze bruinzwarte oase van bier en halflauwe friet is in geen velden of wegen iets te zien wat lijkt op een soundcheck. Daar gaat Ivo Victoria eens diep over nadenken. Prompt begint het te regenen.

"We gaan die sukkels van de artist handling zoeken!", gilt Polka Paultje ijzig kalm en synchroon met de beat. "Volg mij! Dat is een tip!"

Gedwee gemaakt door Solo Loe's opgestarte bioritme, slenteren de Boys achter hun uitstraling aan het festivalterrein op. "Dat lijkt mij een artiest die handelt.", wijst Loe naar een grijsaard die naast het Cosmic Colour lichtorgel zachtjes zit te zingen. Wanneer de Boys hem naderen, wijst hij profetisch in de lucht. Maar daar is niks te zien...

(Dit is deel 1 van een driedelig feuilleton dat dit weekend verschijnt in de Daily Paradise, de dagelijkse Lowlands festivalkrant. Morgen: Is de grijsaard inderdaad van de artist handling? Welk effect heeft dit op de toeters die Solo Loe draait? En kan Ivo Victoria de daaruit voortvloeiende filosofische metadata voor zichzelf in de juiste context plaatsen?)

Lowlands Weekend Special: The Sore Bottom Boys op Lowlands!

Gaat u naar Lowlands? Da's mooi - The Sore Bottom Boys zijn er ook. En dat zal u geweten hebben. Voor de dagelijkse Lowlands festivalkrant, de Daily Paradise, die elke ochtend gratis over het festivalterrein verspreid wordt, schreef ik namelijk een zinderend Sore Bottom Boys-feuilleton in drie delen, één per editie van de krant.

Het is een sprookjesachtig, metafysisch avonturenverhaal geworden zoals de Boys er nog nooit één beleefden. En daar mag u mij op pakken. Voor de thuisblijvers publiceren we de hele riedel natuurlijk ook dagelijks op deze plek, vanaf vrijdag.

Zo. En dan nu ff indrinken, zoals dat heet.

Biddinghuizen blues.

Het is bijna Lowlands. Voor het eerst sinds ik begin dit jaar de organisatie van het festival verliet, voel ik enige melancholie opkomen. Ik weet precies welke vibe er nu backstage Lowlands heerst.

Mijn opvolger, Bente, zit de fotopassen voor fotografen en cameracrews te maken. Baas E. vecht de laatste robbertjes uit met al te opdringerige sponsoren of leveranciers. Het weerbericht wordt uur per uur bijgehouden. Het gras is afgespannen met lint om te voorkomen dat het kapot gelopen/gereden wordt in dit weer. Er worden houtsnippers gestrooid. Extra rijplaten besteld. De eerste veel te vroege bezoekers duiken op bij de entree, meestal zijn het een paar verkleumde punkers of gothics, geen idee waarom - maar ze zullen onverrichterzake worden weggestuurd.

Gisteren moest ik denken aan een ploeg van RTL Nieuws die ik in 2003 rondleidde op Lowlands. De vibe rond het festival was niet best in die tijd; het was niet uitverkocht en het weer zat ook al niet mee. In mijn rol van slinks spindoctorende perswoordvoerder leidde ik de RTL ploeg rond op het festival. Ik vermeed de modderigste stukken en af en toe vroeg ik hen niet te filmen – de securitymensen van Lowlands bijvoorbeeld, stellen daar geen prijs op. Daar mag je van vinden wat je wil, maar iemand die niet gefilmd wil worden, moet je niet filmen.

De cameraman begon te mopperen. Wie ik wel dacht dat ik was. Of ik wel wist dat hij in Irak gefilmd had. Dat dat andere koek was dan zo’n lullig festivalletje.

’s Avonds zond RTL Nieuws een zeer negatief item over Lowlands uit, met veel modder en securitymensen in beeld. Ach ja.

Gisteren hoorde ik dat een cameraman van RTL, Stan Storimans, was omgekomen in Georgië. Ik checkte de foto. Ik had hem toch liever weer op Lowlands zien rondlopen.

The Sore Bottom Boys op Edinburgh Fringe (3): De romanticus, de melancholicus, de manisch realist.

Goedgemutst wandelen de Boys het dek op van de Queen of Scandinavia – de stijlrijke cruise die hen na drie dolle dagen grappen en grollen op Edinburgh Fringe zal terug brengen naar hun geliefde Amsterdam.

“Deining.”, analyseert Solo Loe met stalen blik de zee.
“Minimaal.”, countert Polka Paultje met nautische allure.
 “Nou.”, knikt Ivo Victoria in de richting van 27 breedgeschouderde Hell’s Angels. “Er is alleszins maximale homovriendelijkheid.”

Het was een enerverende trip, dat is duidelijk, met tal van onthullende ervaringen maar het heeft de Boys rijker gemaakt dan ze al waren – een ontwikkeling die de Wall Street Journal voor onmogelijk hield in een dalende huizenmarkt.

Maar de Boys abide...

“Zo, dat links rijden.”, mijmert Solo Loe, “Wat is dat lekker voor iemand die van nature recalcitrant is. Ik knapte er helemaal van op.”
“En wat te denken van de Forth Bridge. Wat een wonder der techniek.”, zucht Polka Paultje berustend. “Hoe kunnen mensen zoiets verzinnen en bouwen?”
“Het is net als dat draadloze internet dat je tegenwoordig overal hebt.”, repliceert Ivo Victoria diep. “Ook al zoiets dat elke verbeelding te boven gaat. Hoe doen ze het, he?”
“Ah, well, I guess we’ll never know...”, besluit Loe gelaten.

En daar staan ze dan, met de neuzen fier in de wind, de roulettechips brandend in de broekzak. Polka Paultje, de romanticus. Ivo Victoria, de melancholicus. Solo Loe, de manisch realist.

“Ik ben blij dat het droog is. Dat geeft me toch een warm gevoel.”, pinkt Polka een traantje weg.
“Luister, vriend. Het is helemaal niet droog. Het dek is keinat en we liggen fokking midden in de zee.”, refereert Loe naar de niet te ontkennen intertekstuele context.
“Ah, vroeger. Weet je nog vroeger, toen de mensen nog van IJmuiden naar Newcastle roeiden?”, verzucht Ivo.

En zo lopen de Boys het dek af en de lounge bar in. De showband speelt “Let Me Entertain You”, terwijl het publiek een nieuwe dimensie toevoegt aan het begrip ‘Siberisch koud”. In een hoek van de lounge zetelen 27 Hell’s Angels.

Rustig wandelt Solo Loe naar de bar. “27 half pints of lager, please.”

The Sore Bottom Boys op Edinburgh Fringe (2): Solo Loe komt eruit.

Na een duivelse rit in de stromende regen, langs knokige rotskusten en over snelwegen als woeste waterlandschappen, zijn The Sore Bottom Boys eindelijk waar ze zijn moeten. Het Edinburgh Capital Hotel maakt alles wat de folder belooft op confronterende wijze waar: zwembad, sauna, gym, homovriendelijk.

Homovriendelijk?!

“Homovriendelijk!?”, duwt Solo Loe de folder van het hotel vervaarlijk in de neus van de receptioniste. “Wat bedoelt u daar precies mee?!”

“Well, ehm, yes.”, stamelt de dame, die op de Schotse Schaal der Lelijke Wijven een goeie 6+ zou scoren, “De bedden staan uit elkaar maar voel je vrij om ze tegen elkaar te schuiven.”

“No Fucking Way!”, slaat Solo Loe lichtjes in paniek. Het angstzweet welt op uit zijn poriën als vers bronwater en de tattoos op zijn arm trekken bleek weg. Veelbetekenend halen Polka Paultje en Ivo Victoria de wenkbrauwen op naar elkaar.

Plots herinneren zij zich met een helderheid van geest die slechts weinigen gegeven is een aantal Opmerkelijke Feiten. Solo Loe die in de voorbereiding op de trip tot vervelens toe checkte of hij een strijkijzer moest meenemen. Solo Loe die in de wagen onderweg naar IJmuiden met een angstaanjagende terloopsheid meldde dat hij een dag eerder zijn eerste salsales had gevolgd. Solo Loe die baalde als een stekker omdat hij vanwege de Schotse tour zijn motorrij-examen moest verplaatsen. Solo Loe die vanochtend plots, out of the blue, een half pint of lager bij het ontbijt nam.

En what was they thinking toen Polka en Ivo Victoria hem een jaar geleden aanmoedigden een loft te kopen? Met klappen als mokerslagen vallen de puzzelstukjes in elkaar als ware zij de zware eikenhouten deuren van kerkers in de krochten van een Middeleeuwse burcht.

Vele ontluisterende uren later schuddebuiken de boys op het VIP terras van de Fringe zachtjes na van de show van een niet onverdienstelijk comedian by the name of Hans T.

“Ivo”, mijmert Solo Loe. “Zou jij Kelly neuken?”.
“Nope.”
“Ik wel.”
“Jij zou Kelly willen neuken?”
“Nee, ik zou dat niet willen.”
“Ah, ok.”
“Maar ik zou het wel doen.”

En terwijl de maan achter het Edinburgh Castle door glijdt, drinken de Boys nog een lagertje om het af te leren en om te klinken op een nieuwe, manische, realiteit.

The Sore Bottom Boys op Edinburgh Fringe (1): De Boys kiezen het ruime sop.

“Are you lonesome, tonight?”, zingt Solo Loe met de subtiele mix van zieke humor en zuivere klasse waarvoor hij bekend staat. Droefgeestig springt het balletje over het scherm, van woord naar woord, synchroon met Loe’s natuurlijke gevoel voor dramatiek.

Een Engels koppel met twee mini hooligans-in-opleiding zakt aangedaan weg in de vaal rode fauteuils van de Piano Bar. Gelaten gebaart de barman richting Ivo Victoria en Polka Paultje dat the bitter garniture op is. Vanuit het nabijgelegen Casino weerklinkt de krijsende echo van een showband die Diana Ross’ “Upside Down” noot per noot naar andere, hopelijk betere wereld helpt.

Het is half een ’s nachts en de Princess of Norway stevent vastberaden af op de Engelse kust. Vanuit Newcastle zullen The Sore Bottom Boys morgenochtend rücksichtslos afstevenen op Edinburgh voor hun intrede tot het walhalla der stand-up comedy – soms schrikken de boys, badend in het angstzweet, wakker in het midden van de nacht bij de gedachte aan hun eigen veelzijdigheid.

Even later, op het buitendek, terwijl de emoties van zijn zinderende performance nog natrillen in menig kajuit, schuift Solo Loe soepeltjes een toeter van respectvolle afmetingen uit zijn plastieken huls.

“Ik kan zo’n ding natuurlijk ook in mijn reet duwen. Maar waarom zou je dat doen als je hem achter de zonneklep van je auto kwijt kan?”

Het is onweerlegbare logica uit een parallel universum waar Polka Paultje en Ivo Victoria geen verweer tegen willen hebben. Dit soort kleine logistieke voordelen ten opzichte van de luchtvaart, en hun onverwoestbare liefde voor de zee, heeft onze helden doen kiezen voor de charme van The Princess.

Respectvol ontzag is iets wat de Boys over het algemeen alleen kennen als de ontvanger ervan, maar de geheimen van de zee en een stuk Afghaan van een goed jaar kunnen veel met een mens, en zelfs met een Sore Bottom Boy, doen.

“Minimale deining.”, slaat Polka Paultjes zeemanshart een slagje over.
“Maximale klasse.”, staart Solo Loe melancholisch in het zwarte niets.
“Filter flash.”, hoopt Ivo Victoria het leven uit de nacht.

Een reddingsloep kraakt, de wind zucht, een zeehond huilt. Alles is stil, als het gefluister van zondaars.

Zomaar drie berichten uit de actualiteit

Google reed de afgelopen dagen met camera’s door Amsterdam om opnamen te maken voor de street view van Google Earth. De afgelopen dagen. Ja, dat dacht ik ook: “Waaaaaat, de afgelopen dagen!?”

Op de voorpagina van de Volkskrant bericht men over “een aanslag in de aanloop naar de Olympische Spelen” op 3000 km van Peking. Dat is alsof men zou berichten over een aanslag in Nigeria “in de aanloop naar Wimbledon”.

Vanaf morgenmiddag zijn er verscherpte grenscontroles bij aankomst en vertrek van de ferry IJmuiden – Newcastle: The Sore Bottom Boys vertrekken naar Edinburgh Fringe! En het was daar al om te lachen! De wilde avonturen vindt u als vanouds terug op deze plek.

Hoe berouw te tonen aan een poes.

De poes sprong op het aanrecht. Daar lag mijn croissant. Nu is het niet zo dat de poes graag croissants eet. De poes eet alles graag (chips, havermoutpap, selderij, chocola). Als het maar op het aanrecht ligt zodat hij erop kan springen.

Het was ochtend, dus ik werd kwaad. Ik riep. De poes sprong. Ik trapte. Net te hard. Dat weet je meteen. Je probeert een corrigerende tik uit te delen, buitenkantje linkervoet en, woeps, net te hard. Met zijn kont vloog de poes tegen de kattenbak. Ik had meteen spijt.

In de daaropvolgende nanoseconde, trapte ik nog ‘ns. Weer net te hard. Zo snel leer je het dus niet.

Hoe berouw te tonen aan een poes? Hoe maak je het goed met een wezen dat weliswaar wel de prikkel van pijn voelt, maar niet de daarbij horende emotie van verdriet, woede of teleurstelling?

Ik besloot hem schuldbewust, streng en vriendschappelijk toe te spreken. Maar zo gemakkelijk kwam ik er niet mee weg.

Gelukkig niet meer thuis.

“Waarom verhuizen we niet naar Budapest?”, vroeg Liefje.

En ik zei: “Neen, we blijven hier.” Maar ik betrapte mezelf erop dat ik dacht: ja, waarom verhuizen we eigenlijk niet naar Budapest?

Het is een gedachte waartoe ik niet in staat was toen ik nog woonde waar ik me thuis voelde, in mijn warme nest. Maar nu ik dat nest alweer ruim zes jaar geleden verlaten heb en ik me al even lang gelukkig en niet meer thuis voel, weet ik: ik kan mij op eender welke plek in de wereld gelukkig en niet meer thuis voelen.

Het is een autodidactische vaardigheid. Zoals poepen en pissen. Je leert het nooit meer af, al zou je het willen.