Niets gezegd.

We stonden in mijn werkkamer annex washok. De monteur had het formulier ingevuld en keek mij doordringend aan. Hij zei: ‘Ik ga hen twee opties voorleggen. Het een en het ander. En ik zal pleiten voor het een want het ander lijkt me wat drastisch.’
Ik wilde zeggen: ‘Oké, bedankt en tot ziens!’ maar toen dacht ik net op tijd aan het feit dat ik zo dadelijk telefonisch verslag uit zou moeten brengen aan Bretagne.
Het was al de derde monteur. De eerste had binnen dertig seconden geconcludeerd dat de vlekken onmogelijk van de machine afkomstig konden zijn. Maar hij wist niet dat hij tegenover Liefje stond. Wat volgde was een fascinerend gevecht tussen technische expertise en Bretoense koppigheid waarnaar ik in ademloze bewondering zat te kijken en dat met gierend gemak werd gewonnen door Liefje, en wel op zulk een verwoestende wijze dat ik een beetje medelijden kreeg met die monteur. Jaren studeren aan de wasmachineschool en dan genadeloos klop krijgen van iemand die gewoon iets Heel Erg Hard Wil. Maar nu was Liefje in Bretagne en ik had moeten beloven standvastig te zijn.
‘Wat is het één?’ zei ik.
De monteur kreeg plots grote belangstelling voor wat er aan de muren in de werkkamer/washok hing.
‘Dat mag ik dus niet zeggen.’
‘Dat begrijp ik,’ zei ik. En ik leunde met mijn schouder tegen de deurpost van de enige deur van de kamer. ‘Maar ik neem aan dat dit oplossingsgerichte opties zijn.’
‘Ehm, nou, ja,’ zei de monteur. ‘Ofwel moet de machine vervangen worden, ofwel moet de carbid unit vervangen worden. Maar nu zeg ik al te veel. Eigenlijk.’
‘Aha,’ zei ik.
De monteur keek naar zijn gereedschapskist, die achter mij stond, in de gang, die naar de trap leidde, die naar beneden ging, naar een andere gang, die naar de voordeur leidde, weg uit dit huis. Hij probeerde een stap te zetten, als om te vertrekken, maar tussen mijn bureau, het wasrek, de kast en mijn bureaustoel was weinig ruimte voor al te expressieve lichaamstaal.
Er viel een stilte. Ik dacht aan Liefje. Bretagne. De ziedende zee die er op onverwoestbare rotsen inbeukt.
De monteur maakte oogcontact – en brak.
‘Ik zal uiteraard voor vervanging van de machine pleiten. Maar dat heb ik u niet gezegd. Dus.’ Hij klonk vermoeid. Een beetje droevig. Hij stak zijn clipboard onder de arm en keek op zijn horloge.
‘Vanavond heb ik een nieuwjaarsreceptie.’
‘O,’ zei ik. ‘Iets om naar uit te kijken.’
‘Het is verplicht,’ zei hij. ‘Daarna moet ik nog twee uur rijden, naar huis.’
‘Prima,’ zei ik terwijl ik uit het deurgat stapte. ‘Uitstekend. U heeft niets gezegd.’

(optioneel veld)
(optioneel veld)

Reactiemoderatie staat aan op deze site. Dit betekent dat je reactie niet zichtbaar zal zijn, tot deze is goedgekeurd door een beheerder.

Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.

Alle teksten op deze site zijn auteursrechterlijk beschermd.
Geen reproductie op welke wijze dan ook zonder toestemming van de auteur.